Joël's eigenste zelf.

Joël De Ceulaer is opnieuw zijn eigenste zelf als hij vandaag in Knack Bart De Wever, Hendrik Vuye, Piet De Zaeger, Peter De Roover , Annick De Ridder en mezelf verwijt een karaktermoord te plegen op Abderrahim Lahlali. Lahlali is de advocaat die het voortouw neemt in de klacht tegen Bart De Wever omwille van zijn vermeende racistische uitspraak in Terzake. Hij is eveneens advocaat in de zaak van lagere school de Blokkendoos. Hij verdedigt er de ouders die beweren dat hun kinderen er werden aangerand door de juf. De juf is al 5 keer vrij gesproken, maar toch blijft Lahlali verder procederen. Dit is ongelooflijk, want het tergend verder procederen is een gedeelde verantwoordelijkheid tussen cliënt en advocaat.
 
Een karaktermoord? Laat me niet lachen. Het gaat over volgend bericht die ik op Twitter plaatste: “De ene advocaat zorgt er voor dat farid le fou zich aanbiedt aan de gevangenis, de andere dat juf magalie weer vervolgd wordt @de_NVA”. Ik wijs hier op de ethische rol die advocaten kunnen spelen. Er zijn dus advocaten die durven tegen hun cliënt in gaan. Je mag trouwens als advocaat ook zaken weigeren. Iedereen heeft natuurlijk het recht op een verdediging. Maar dat wil niet zeggen dat  je als advocaat de plicht hebt gelijk welk spel van je cliënt mee te spelen. Waar dus de advocaat van Farid Le Fou in slaagde, slaagde Lahlali niet en daarmee basta.
 

Het gaat mij ook niet enkel om Lahlali. Ik was eerder al kritisch voor advocaten. Begin september 2014 plaatste ik dit bericht op twitter :“Recht is recht (?) mr dat drugsbende vrij kan komen & dat 'collateral damage' noemen s. marie is ongehoord!”  en “bestaat er ethische code dat honoraria nt uit vermoeden misdaad mag komen #klassejustitie”naar aanleiding van de Zaak Aquino. Het feit dat een drugsbende verdedigd kan worden door een legertje topadvocaten die betaald worden met vermoedelijk misdaadgeld, roept namelijk grote ethische vraagtekens op. Het ondergraaft bovendien het vertrouwen in ons rechtssysteem en creëert een gevoel van klassenjustitie. Het is dus niet meer dan rechtvaardig kritisch te zijn tegenover dergelijke wantoestanden. Het staat in schril contrast met bijvoorbeeld meester Haentjes die in alle sereniteit Kim De Gelder verdedigde (recht op verdediging) maar zich duidelijk niet in het kamp van de Lahlali’s bevindt als advocaat.